Werkbelasting kan worden aangepast met technische, organisatorische en gedragsmaatregelen.
Tip: 
11 gouden regels:

  • Buk en til alleen als het niet anders kan. Gebruik als het mogelijk is altijd hulpmiddelen.
  • Verstandig tillen kost net zoveel tijd als onverstandig tillen; doe het dus met verstand.
  • Bedenk vóóraf hoe de last verplaatst moet worden, zodat je rekening kunt houden met eventuele moeilijkheden.
  • Zorg voor een goede en stabiele werkplek en juiste tilpositie bij tilhandelingen.
  • Zorg dat de weg vrij is van obstakels en houd de afstand waarover u moet tillen zo klein mogelijk. Pas op voor gladde vloeren, drempels of stoepranden.
  • Bepaal vooraf het gewicht van de last; til niet te veel ineens. Vraag anderen om hulp bij het tillen van zware en grote voorwerpen.
  • Sta steeds recht voor de last, til nooit met gedraaide rug, verplaats de voeten als er gedraaid moet worden.
  • Bepaal het zwaartepunt van de last en zoek een goede balans voordat je met het echte tillen begint.
  • Til met twee handen, voorkom dat de armen ver moeten reiken, til en draag lasten dicht tegen het lichaam, til niet hoger dan schouderhoogte.
  • Buig door de knieën, de rug mag eventueel een beetje gebogen worden, beweeg langzaam. Gebruik vooral de buik- en beenspieren.
  • Luister naar het lichaam; neem signalen serieus. Beginnende klachten kunnen snel erger worden.

 

Het is belangrijk medewerkers duurzaam en productief inzetbaar te houden op de arbeidsmarkt.
Leer uw personeel hoe ze het best kunnen tillen en dragen. Zo vermindert u de kans op klachten.
Geeft daarvoor duidelijk instructies en zorg dat ze de 11 gouden regels kennen én gebruiken.